• Oostblok haalt achterstand in met het nieuw shoppen

    Warschau, Poznan, Lodz, Vilnius - wie wil zien wat en hoe er gewinkeld wordt in nieuwe commerciele paradijzen, moet daar zijn.

    30-10-2009 / artikelen

  •  
    • Buena Vista Oviedo is het nieuwe huzarenstukje van Santiago Calatrava
    • Zloty Terrassy in Warschau, een spectaculaire invulling in het centrum
    • Zloty Terrassy, Warschau.

    Poznan is een grauwe, troosteloze industriestad in het midden van Polen waar oude trammetjes door de wijken sjokken, waar de aanslag van vroegere fabrieksschoorstenen nog op veel gevels is blijven kleven. Monumentale, soms onbeholpen 19e eeuwse gebouwen worden afgewisseld met anonieme overblijfsels uit het communistisch tijdperk. Een groot spoorwegcomplex met rangeerterrein breekt de stad halverwege, waardoor Poznan stedenbouwkundig
    in twee helften uiteenvalt.
    Het is dan in alle opzichten verbazingwekkend dat in dit muurbloempje van de Oosteuropese provinciesteden op 5 november 2003 de eerste fase van Stary Browar is opengegaan, een reusachtig multifunctioneel winkel- en cultuurcentrum. Alsof er met een pennenstreek is afgerekend met de gelijkvormigheid van het communisme, alsof het kapitalisme, of liever het consumentisme, in plaats daarvan op de troon is gehesen.
    De namen van de architecten en de ontwikkelaar kunnen ook al in een lijstje gezet worden, Studio ADS (het bureau van Alessandro Mendini) en Fortis als ontwikkelaar. Mendini (Groninger Museum, vele Italiaanse villa’s en kantoren) is wel de laatste die je in Poznan zou verwachten.
    Wat Studio ADS heeft gedaan is, zeker als je afgaat op de historische foto’s, een radicale ingreep. Een terrein met de bouwvallige en verlaten opstallen van de voormalige brouwerij van de van oorsprong Duitse Ambrosius Hugger uit 1844, werd getransformeerd in een onherkenbaar ensemble van gerestaureerde torens, stokerijen en hallen, gecombineerd met een glanzend zilveren façade. Tussen 1980, toen de brouwerij zijn deuren sloot en 1997 stond een groot deel van het gebied leeg en schoot het onkruid hoog op. Vervolgens ging het vanaf 1998 razend snel. ADS liet fabrieksmuren slopen en weer opbouwen, en vormde Stary Browar om tot een stad in een stad, de leus waarmee Poznan trots zijn nieuwste shopping paradise aanprijst. Wie aan de bitterkoude winters in dit deel van Polen wil ontsnappen, kan via binnenstraten, atriums, loopbruggen en galeries gemakkelijk een hele dag beschut en verwarmd doorbrengen. De ruimtes zijn royaal en soms adembenemend, het atrium met zijn enorme bogen boven de balustrades en de Art Courtyard waar inmiddels al menig internationaal kunstenaar zijn opwachting heeft gemaakt.

    Geen verwondering dus ook, dat Stary Browar op 5 december 2005 werd gelauwerd met het predikaat beste middelgrote winkelcentrum van de wereld, hoewel de naam winkelcentrum ontoereikend is: het is een ontmoetingspunt van cultuur en commercie, van architectuur, gastronomie en cinema. Op 11 maart 2007 ging namelijk de laatste fase open, de Arcade waarin financiële instellingen, restaurants en bioscopen zijn gevestigd.

    Stary Browar is een exponent van een nieuwe generatie iconische ‘retail architecture’ die vanaf 2000 in Europa voet aan de grond heeft gekregen. Uiteraard is in het verleden al ervaring opgebouwd met de functieverandering van voormalige industriegebouwen, postkantoren, warenhuizen en scholen in multifunctionele commerciële centra, maar de complexiteit van de nieuwe centra is groter en de omvang ook. De Arcade van Stary Browar meet alleen al 130 duizend vierkante meter. Belangrijker is de uitstraling. Van in zichzelf gekeerde fabrieken en terreinen veranderden de complexen in uitnodigende en open centra, in Poznan bijvoorbeeld belichaamd door de intrigerende zilveren entree die bij een eerste aanblik doet denken aan folie of glanzend steigerdoek. De golvende gevel steekt hierdoor af bij het robuuste rode baksteen van de fabrieksmuren.

    Praag

    Stary Browar past in het rijtje van winkelcentra als Palladium in Praag en La Manufaktura in Lodz. Palladium is een voormalig militair complex met een niet te missen fuchsiaroze buitengevel, dat in oktober 2007 is opengegaan en zich er op beroept de grootste overdekte mall in Tsjechië te zijn met 200 winkels waaronder twee enorme supermarkten. Het interieur straalt glitter en glamour uit met verlichte roltrappen en glazen liften, lichtgordijnen en een duizelingwekkend atrium, ontworpen door het Indiase bureau PSP en de Tsjechische partner SIAL. European Praha was de ontwikkelaar. Ook hier hebben de architecten de historie uitgebuit door de monumentale onderdelen te benadrukken en te combineren met het hypermoderne, bijna filmische interieur. Palladium kan zich scharen in de traditie van de klassieke Amerikaanse malls, alleen missen die laatste een historische context. Het iconische, of liever gezegd, het beeld dat wat je bijblijft, is die roze buitenkant met het gigantische atrium binnen waaraan de eersteklas winkels liggen. Het moet de doodsteek van een ander Praags instituut dat er tegenover staat, het warenhuis Kotka.

    Net als in Poznan zijn de nieuw malls van Praag en Lodz symbolen van de nieuwe tijd, van de Europese eenwordingsgedachte, die afrekenen met het schrale aanbod in de winkels tot de val van de muur. Het voormalig Oostblok maakt een inhaalslag, van Vilnius tot Boedapest wordt de achterstand ten opzichte van het Westen omgezet in een voorsprong, met retailcenters waar show en architectuur samengaan.

    La Manufaktura in Lodz was, afgaande op nostalgische beelden, een uitgestrekte textielfabriek, gesticht in het midden van de 19e eeuw dat ooit werk gaf aan tienduizenden Polen. Izrael Poznanski gaf zijn textielimperium vorm als een industrieel paleis, gelegen op een campus, dat autonoom kon draaien dankzij een eigen energiecentrale, brandweer en zelfs eigen spoorwegstation. Toen de productie in 1997 gestaakt werd, lag er een kostbare erfenis van de culturele revolutie in Lodz die alleen maar opgeraapt hoefde te worden. Het Franse bureau SUD uit Lyon en de ontwikkelaar Apsys volgden hetzelfde procédé als Studio ADS in Poznan. De fabriek werd opengegooid, werd aangesloten op het fraaie Marktplein in de binnenstad en biedt binnen voor ieder wat wils. Een mix van oud en nieuw, van high and low, cafes en restaurants, van cultuur en ontspanning. Het museum voor Moderne Kunst nam zijn intrek in de immense hallen met bovenlicht. En verder noodt La Manifuktara uit tot dwalen, door binnenstraten, langs podia, winkels, 14 bioscoopzalen plus een Imax-theater, een klimwand en een bowlingbaan, to mention a few. Het meest bijzondere is ongetwijfeld de markt waarom de bewoners van Lodz vroegen. SUD paste een ongebruikelijke methode toe, door een team architecten in Lodz te vestigen die Pools moesten leren en uit gesprekken met inwoners moesten achterhalen wat hun behoeften waren.

    Textiel

    Het is de omvangrijkste gebiedsontwikkeling in haar soort in Europa. Luchtfoto’s illustreren dat de textielfabrieken misschien wel een kwart van de binnenstad van Lodz besloegen. De rode bakstenen gevels met klassieke boogramen en pilasters, de vroegere fabriekspoort, de torens, ze waren de iconen van de 19e eeuwse nijverheid en zijn dat nu van een samenleving waar het genoegen de plaats van zwoegen heeft ingenomen.
    Zoals Lodz een nieuwe koers moest uitstippelen na het vertrek van de textiel, zat Liverpool in Engeland opgescheept met een haven en scheepsindustrie die de aansluiting met de wereldmarkt hadden verloren. Het centrum zelf was hard toe aan upgrading. Plannen daartoe werden al eind jaren negentig ontwikkeld en heetten toen heel optimistisch The Paradise Project. Toen in 2004 de schop de grond in ging voor de grootste naoorlogse binnenstedelijke herontwikkeling, was de slogan Liverpool One. De ambities waren sky high. Straten werden voor het verkeer afgesloten en met elkaar verbonden tot een voetgangersgebied, topwinkels, hotels en warenhuizen kwamen naar Liverpool, een parkeergarage werd gebouwd, het Chevasse-woonpark aangelegd op een oud havenbekken en het openbare Cascadepark met eindeloze panorama’s. In 2008, toen de stad culturele hoofdstad van Europa was, werd South Johnstreet met zijn galerijen en glazen bruggen feestelijk geopend. Deze straat is met zijn twee niveaus gemodelleerd naar de ‘koopgoot’ in Rotterdam. Maar liefst 170 duizend vierkante meter heeft een ander aanzien gekregen, een paradijs voor de shopaholic.

    In Engeland en zeker daar buiten geldt Liverpool niet als een toeristische bestemming. Dat is met One veranderd. De sfeer, die van een donkerbruine, bedompte havenstad, is omgeslagen in een transparante vrolijke metropool, waar je de ongeruimde muziek van de Beatles zou kunnen horen. Ook hier duikt een onverwachte naam als architect op die het masterplan tekende, de Italiaan Massimo Fuksas – teken dat het de Engelsen menens was Liverpool op te schudden.

    Lag in Liverpool de nadruk op een complete heruitvinding van de binnenstad, elders betreft het autonome complexen, in of buiten het centrum. Opnieuw komen we gerenommeerde architecten tegen. Daniel Libeskind, onder meer bekend van het Joods Historisch Museum in Berlijn, voorzag Bern van een nieuwe westelijke stadspoort in de vorm van over elkaar heen geschoven schotsen: Westside. Zeker twintig jaar voorbereiding en overleg ging aan de invulling van dit driehoekige stuk grond vooraf, en toen was het ook in een paar jaar voor elkaar. Westside mag dan in het winkelaanbod wat doorsnee zijn, de architectuur is dat allesbehalve. Libeskind verstaat de kunst om een gesloten doos, wat een shopping mall in feite is, om te toveren tot een spannende, uiteengevallen legpuzzel.
    Jon Jerde lijkt zijn zegetocht vanuit Amerika in Europa voort te zetten want hij bouwde de Kanyon aan de noordkant van Istanbul, op zo’n 20 minuten afstand van Taksim-square. Tegelijk ontwierp hij ook Zloty Terrasse in Warschau. Kenmerkend voor beide malls is dat Jerde tegenstellingen creëert, hoog-laag, intiem-groots, omdat shoppen in zijn ogen een ervaring (experience) moet zijn. In Istanbul prijkt een ellipsvormige wolkenkrabber boven het winkelgebied waarin kantoren zijn gehuisvest. Een slimme zet van Jerde, want zo’n blikvanger in het stedelijk silhouet kan het krioelende Istanbul wel gebruiken.

    Oviedo

    Veruit het gewaagdste project van de afgelopen jaren is Espacio Buena Vista in Oviedo, de hoofdstad van de Spaanse provincie Asturië. Het ging in 2008 open en heeft sindsdien al een nieuwe stoet pelgrims naar dat deel van Spanje getrokken. Als je louter afgaat op de beelden of computeranimaties zou je denken dat het om een futuristisch object gaat dat op aarde is neergedaald. Het kan niet anders of dit komt uit de geest van Santiago Calatravo, de Leonardo da Vinci van Spanje. Hij ontwierp op de plaats van het vroegere voetbalstadion van Real Oviedo een U-vormig gebouw, dat een konisch gevormde toren in het hart omarmt. Daarin ligt het congrescentrum. De vleugels van het omliggende gebouw springen omhoog en wijken op de kop ook nog eens terug, waardoor Buena Vista een adembenemende en bijna ongeloofwaardige plasticiteit krijgt.
    Wie een icoon zoekt, is bij Calatrava aam het goede adres, want hij plukte Valencia uit de anonimiteit door Arcspace waar hij net als in Oviedo dezelfde tactiek toepaste: grote bogen, overspanningen, elegante constructies, de kleur wit die het goed doet tegen een strak blauwe Spaanse lucht. Espacio Buena Vista, ontwikkeld door Multi Vastgoed uit Nederland, moet Oviedo het begin van een nieuwe eeuw in leiden, zei Calatrava bij de opening. Niets is te veel gezegd. Om de complexiteit nog eens te vergroten voegde Calatrava een mobiel baldakijn toe dat op basis van een hydraulisch mechaniek opereert. De architect is niet alleen geïnteresseerd in architectuur maar ook in kinetica en sculptuur. Alles daarvan komt samen in Buena Vista. Kennelijk was de sky the limit in Oviedo, maar ja de kredietcrisis in Spanje moest er nog aankomen.

    Van warenhuis naar shopping mall

    Waren vroeger de warenhuizen in de metropolen de iconen van het shopping entertainment met als illustere voorbeelden Harrod’s in Londen, Lafayette in Parijs en Kaufhaus des Westens in Berlijn, de shopping malls hebben hun plaats ingenomen. In de Verenigde Staten zijn het doorgaans ‘ in de wei’ geplante complexen waar het iconografische wordt bereikt door een thema. Een ranch, een pretparkachtige omgeving, neo-Victoriaans of anders wel neo-Palladiaans, anything goes. Hoewel er in Europa een tijd lang enigszins kritisch tegen deze thematische opzet is aangekeken, is er iets van de Amerikaanse voorbeelden overgenomen. Shopping moet vermaak bieden en zijn, en een centrum mag/moet uitstraling hebben. Omdat steden binnen Europa ook sterk met elkaar concurreren, is het zaak een toonaangevend complex in huis te hebben dat toeristen aantrekt en vasthoudt. Verleiding, dat is de kunst, en vooral blijven verleiden, vandaar de ambitie om steeds meer memorabele complexen te bouwen, die de stad verrijken.
    Europa heeft, anders dan de VS, het voordeel van goed geconserveerde binnensteden, die in leven blijven dankzij de nieuwe injecties. En als het niet in de binnenstad kan, trekt het de stadsrand omhoog, zoals in Istanbul en Bern is gebeurd. Want voorkomen moet worden, vinden bestuurders van vandaag, dat binnensteden worden leeg gemolken omdat de dynamiek naar elders is uitgeweken. De iconische retailcenters breken met die tendens: ze stralen (opnieuw) geloof uit in de stad door een zorgvuldige en soms provocerende architectuur. Iconisch als ze zijn, willen ze een landmark zijn, zodat je nooit vergeet wat je hebt gezien in Oviedo, Istanbul, Bern, Liverpool, Lodz, Warschau, Praag en Poznan.